Levensloop

Met de levensloopregeling kun je met een deel van je brutosalaris sparen voor een periode van onbetaald verlof. Het spaarsaldo kun je ook gebruiken als aanvullend pensioen of om eerder met pensioen te gaan. Let op: sinds 1 januari 2012 is het niet meer mogelijk om je voor een levensloopregeling in te schrijven. Wie vóór die datum al een levensloopregeling had, kan daar tot 1 januari 2022 mee doorgaan.

Iedereen die in een dienstverband werkt, kon tot 1 januari 2012 een levensloopregeling afsluiten. De regeling is op 1 januari 2012 afgeschaft. Voor mensen die toen al een levensloopregeling hadden, geldt een overgangsregeling tot 1 januari 2022. De overgangsregeling maakt onderscheid tussen deelnemers die méér of minder dan 3.000 euro hebben gespaard.

Had je op 31 december 2011 minder dan 3.000 euro gespaard?

Dan is je spaartegoed op 1 januari 2013 vrijgekomen en in één keer uitbetaald. Van dit bedrag is tachtig procent belast.

Had je op 31 december 2011 meer dan 3.000 euro gespaard?

Dan kreeg je destijds twee keuzes voorgelegd: je kon het volledige tegoed in 2013 in één keer opnemen (met een aantal gunstige fiscale voordelen) óf je kon het tegoed laten staan en tijdens de rest van de looptijd in delen opnemen. Heb je gekozen voor dat laatste? In dat geval mag je zelf weten wanneer je het tegoed opneemt en waaraan je het geld besteedt. Je kunt doorsparen tot 1 januari 2022. Daarna komt (de rest van) het spaartegoed in één keer vrij.

Lees meer over de levensloopregeling op de website van de Rijksoverheid.