Waardeoverdracht

Ben je van baan gewisseld? Dan is het mogelijk om je pensioen uit je oude baan mee te nemen naar je nieuwe pensioenuitvoerder. Dat heet waardeoverdracht.

Kenmerken

Veel mensen denken dat waardeoverdracht altijd tot een beter pensioen leidt. Dat is niet zo. Soms is het verstandiger om het pensioen bij je oude pensioenuitvoerder te laten staan. Dit hangt af van je persoonlijke omstandigheden, de inhoud van de oude en nieuwe pensioenregeling en de financiële positie van beide pensioenuitvoerders. Een aantal punten die je (samen met je adviseur) kunt overwegen:

  • Vergelijk het opgebouwde ouderdomspensioen bij je oude pensioenuitvoerder met het ouderdomspensioen dat je kunt krijgen bij je nieuwe pensioenuitvoerder. Kijk hierbij onder andere naar de hoogte, de pensioenleeftijd en de mate van zekerheid.
  • Is de toeslagverlening (indexering) bij de nieuwe pensioenregeling beter dan bij de oude? Wat is de ambitie en hoe was de indexering in de afgelopen jaren? Let er op dat de hoogte van de indexering  afhankelijk is van de financiële situatie van een pensioenfonds.
  • Heb je een partner die (gedeeltelijk) financieel afhankelijk is van jouw inkomen? Kijk dan ook wat waardeoverdracht betekent voor de uitkering voor je partner als je overlijdt. Heeft je oude pensioenregeling een partnerpensioen op risicobasis, dan kun je er bij uitdiensttreding voor kiezen een deel van je ouderdomspensioen in te ruilen voor een uitkering voor je partner als je overlijdt.
  • Is je oude of nieuwe pensioenregeling een beschikbare premieregeling? Kijk dan of er garantie op het kapitaal aanwezig is; er een directe uitkering wordt aangekocht; of dat er tot de pensioendatum wordt belegd. Bij beleggingen kunt u kijken of er keuzemogelijkheden zijn voor minimumgaranties of de manier waarop wordt belegd.

Pensioen afkopen

Is de waarde van je pensioen op de pensioendatum lager dan € 458,06 per jaar en doe je geen waardeoverdracht? Dan maakt je oude pensioenuitvoerder mogelijk gebruik van het recht om je pensioen af te kopen. Dit betekent dat je de waarde van je pensioen in één keer krijgt uitbetaald. Deze uitbetaling gebeurt op zijn vroegst twee jaar na het einde van je deelname aan de pensioenregeling. Je krijgt dan geen uitkering meer als je met pensioen gaat. Je zou het afkoopbedrag op een spaarrekening kunnen zetten. Om te voorkomen dat je het afkoopbedrag niet apart zet voor je oudedagsvoorziening maar eerder uitgeeft, kan het verstandig zijn om waardeoverdracht te doen.

Let op

  • Zeker bij een hoog pensioen is het verstandig om een deskundige te vragen of waardeoverdracht voor jou een goede keuze kan zijn.
  • Afkoop van een klein pensioen kan gevolgen hebben voor de hoogte van toeslagen, zoals huur- of zorgtoeslag. Dat komt doordat je inkomen door de afkoopsom tijdelijk hoger wordt. Alleen voor huurtoeslag is het mogelijk de afkoopsom buiten beschouwing te laten voor het toetsingsinkomen. Daarvoor moet je een verzoek indienen bij de Belastingdienst/Toeslagen.